Individualiteit en Realiteit

Vroeger hoorde ik weleens de uitspraak: Het gaat niet goed met de samenleving, we worden steeds individualistischer.

Ikzelf omarm het begrip:  hyper-individualisme, omdat ik ooit in de eigenschap van individualisme een unieke kracht heb ontdekt.

Ook de uitspraak dat individualisme hetzelfde is als: ikke, ikke, en de rest kan stikke, werd ooit gesproken.

Er zijn Zielen die zich ontwikkelen tot

wij-denkers, wij-belevers, en Zielen die zich ontwikkelen tot het ik-denken, ik-beleven.

Dit is belangrijk om te noemen.

Je hebt zo bezien individualisten en wij-denkers.

Vanuit mijn individuele Zijn gezien, spreek ik vanuit mezelf. Ik zeg niet wij of zij.

Ik zeg ik.

Daarin wens ik vanuit mijn Wezenskern te spreken, en niet vanuit een wij-vorm waarvan ik niet weet wie die wij zijn.

Ik respecteer wij-denkers, en ik respecteer de individualisten onder ons.

Soms begrijpen wij-denkers de individualisten niet,  en soms begrijpt een individualist een wij-denker niet.

En weet dat dit onbegrip soms tot intolerantie leidt.

Dan beschuldigt een wij-denker een individualist dat hij een ultra-egoïst is, en een individualist beschuldigt een wij-denker dat hij een mak schaap is, die de grote kudde volgt.

Ik ben een individualist.

Ik ga daarin verder.

De Heilige spreuk die in mijn Hart gegrift is, luidt als volgt:

Ego sum centrum Universitas.

Vrij vertaald als:

Ik ben het centrum van mijn Universum.

In de kwantum fysische Leer is er steeds een persoon waar alles om draait.

Uit deze persoon ontstaat de Realiteit.

Daarom voel ik mij dan ook een kwantum fysisch Wezen dat zelf Realiteit creëert.

Zo werkt het in de moderne fysica.

De klassieke fysica dicht een Opperwezen de schepping van de Realiteit toe, waar hij tevens de Almacht over heeft.

In de kwantum fysische Leer is de Ziener, tevens de veroorzaker van de Realiteit.

Eenieder is zo bezien zelf schepper, en veroorzaker van Realiteit.

Vanuit de kwantum fysica is er geen sprake meer van God of de Goden, alleen maar van de veroorzaker(s) van de Realiteit.

In principe hoeft God niet groot te zijn, en (al)machtig. In de kwantum fysica kan slechts een nietige mier het Al tevoorschijn toveren.

In de kwantum fysica is niets wat het lijkt.

Klein is groot en groot is klein.

Het is dan de vraag welke Realiteit jij uit jouw Wezen tovert.

Dat is de vraag. Daar ligt de uitdaging.

In de kwantum fysica is het allemaal mogelijk.

Of je nu een wij-schepper bent of een individualistische schepper, het maakt niet uit.

Jij schept jou te beleven Realiteit, en ik de mijne, en een ander doet het weer anders.

En niemand zal oordelen over jouw schepping. Het oordeel is aan jou, om iets te verbeteren in en aan jouw Realiteit.

Vraag is dan weer:

Kun jij leven met jouw schepping, of moet er iets veranderen ten goede.

Jij bent de eindregisseur van jouw leven, zo gezegd.

Tja, zo leef ik en ervaar ik, en zo zie ik het en weet ik het.

En hoe ervaar jij dit? Of, hoe ervaren jullie dit?

Aan jou of jullie het laatste woord.